Drijvende tuin
Een drijvende tuin is een beplant platform dat op het water zelf ligt, gedragen door drijvers in plaats van door palen, en meebeweegt met het waterpeil in plaats van ertegen te weerstaan.
Waar een tuinsteiger vast op palen staat, ligt een drijvende tuin los op het water en beweegt hij mee omhoog en omlaag met het peil. Dat maakt hem geschikt op plekken waar het waterpeil sterk wisselt en een vaste rand daardoor moeilijk op de juiste hoogte te krijgen is.
De beplanting op een drijvend platform staat in een lichte, waterdoorlatende bak, met wortels die tot in het water kunnen reiken. Alleen soorten die van nature aan een walkant of in ondiep water groeien, houden dat vol; een border met gewone tuinaarde spoelt op zo'n platform binnen een seizoen weg.
Een drijvende tuin heeft, net als een steiger, een verankering nodig die het geheel op zijn plaats houdt zonder het meebewegen met het peil te belemmeren. Die verankering raakt de slootbodem en de oever, en valt daarom onder dezelfde soort toestemming als een steiger: het is geen vrijstaand tuinmeubel maar een bouwwerk op water.
Vragen over deze term
Verschilt een drijvende tuin van een gewone plantenbak op het water?
Een losse plantenbak die simpelweg drijft, is geen drijvende tuin in de zin die hier bedoeld wordt: die mist een vaste verankering en een doordachte afwatering, en waait of drijft daardoor weg bij wind of stroming. Een echte drijvende tuin is vastgelegd en gebouwd om jaren op dezelfde plek te blijven.
Welke planten overleven op een drijvend platform?
Soorten die van nature met natte voeten of zelfs deels ondergedompeld groeien, zoals bepaalde oeverplanten en waterplanten, houden dat het langst vol. Gewone tuinplanten die droge grond nodig hebben, gaan op een drijvend platform binnen een paar maanden dood, ongeacht hoeveel water er wordt bijgegeven.
Is een drijvende tuin geschikt voor elke sloot in Amsterdam-Noord?
Niet elke sloot is er geschikt voor: bij veel bootverkeer of een sterke stroming blijft een drijvend platform moeilijk op zijn plaats liggen. Op een rustige, brede sloot of aan een stille inham werkt het idee beter dan aan een smalle vaart waar geregeld een boot passeert.